Categorie Tuinkrant

45. Tuinkruiden: salie

uit de Nieuwsbrief van Volkstuinvereniging ‘Nut en Genoegen’, Zaandam, november 2022.

 

Dit stukje gaat over een bij ons niet zo bekend tuinkruid, salie. Salie (salvia officinalis) is een plant die inheems is in Zuid-Europa. Hij werd al vroeg gecultiveerd, vanwege z’n lekkere geur. Daar kwam nog bij dat de plant magische krachten werden toegeschreven. Voor de Romeinen was salie zelfs een heilige plant, die ze dan ook herba sacra ‘heilig kruid’ noemden. De plant salie was gewijd aan Jupiter, de Romeinse Oppergod.

Lees verder “45. Tuinkruiden: salie”

44. Tuinkruiden: basilicum

uit de Nieuwsbrief van Volkstuinvereniging ‘Nut en Genoegen’, Zaandam, september 2022.

 

In de keuken van mijn moeder kwamen bijna geen tuinkruiden voor. Selderij en peterselie, dan had je ’t wel gehad. Dat er op dat terrein veel meer voorhanden is, leerde ik pas veel later in een eigenzinnig kookboek van J.W.F. Werumeus Buning. ’t Heet 100 avonturen met een pollepel (1939).

Daar staat een hoofdstuk in over ‘De geuren der goede wereld’ en dat begint zo: “Een twijgje van het kruid basilicum, aan den neus gehouden, doordringt den mensch met fijnen geur en vrede”. Toen ik dat las, ontwaakte in mij de liefde voor dat kruid.

Lees verder “44. Tuinkruiden: basilicum”

43. Sla

uit de Nieuwsbrief van Volkstuinvereniging ‘Nut en Genoegen’, Zaandam, juni 2022.

Dit zijn de namen voor ‘sla’ van onze niet-Nederlandse tuinders: Arabisch سلطة; Duits Salat; Engels salad; Frans salade; Koerdisch xas; Kroatisch salata; Persian سالاد; Spaans ensalada.
We hebben (nog) geen Oekraïense medetuinders, maar hier alvast hun woord voor sla, салат in Cyrillisch schrift, omgespeld salat.

Als je de woorden sla en slak zo bekijkt, lijken ze wel familie van elkaar, maar in werkelijkheid moeten sla en slak niets van elkaar hebben of liever gezegd, met een slak in de buurt heeft de sla geen leven. Etymologisch hebben sla en slak ook al niets met elkaar te maken. ’t Woord slak is verwant aan glibberige woorden als slijk.

Lees verder “43. Sla”

42. Tuinman, tuinder, hovenier

uit de Nieuwsbrief van Volkstuinvereniging ‘Nut en Genoegen’,  Zaandam, oktober 2021.

Voor Frans Jonker, bij zijn afscheid als oppertuinman

Wij, leden van Volkstuinvereniging Nut en Genoegen, noemen onszelf graag tuinder, een woord dat afgeleid is van ’t werkwoord tuinen en dat weer van ’t zelfstandig naamwoord tuin, dus: tuin > tuinen > tuinder.  Maar dat is nog niet alles. ’t Alleroudste, of allereerste tuin betekende omheining, net als ’t Duitse Zaun.

Lees verder “42. Tuinman, tuinder, hovenier”

41. Winterkoninkje

Kroatisch carić, strež; Spaans troglodito, chochín; Turks çalıkuşu; Arabisch tayir alnmnm; Engels wren; Duits Zaunkönig; Frans roitelet

uit de Nieuwsbrief van Volkstuinvereniging ‘Nut en Genoegen’,  Zaandam, juli 2021.

Er zijn maar weinig vogels die genoemd worden met een verkleinwoord. Ik ken eigenlijk alleen ’t roodborstje, ‘t puttertje en ’t winterkoninkje. Ze zijn ook alle drie bijzonder klein. Maar andere vogels die toch ook klein zijn krijgen een volwassen naam: mus, spreeuw, koolmees, kneu. Natuurlijk kun je ook zeggen musje, spreeuwtje, enzovoorts, maar dat zijn toch niet hun alledaagse namen, zoals roodborstje en winterkoninkje dat toch wel zijn. Lees verder “41. Winterkoninkje”

40. Kardoen met Kerst

Italiaans cardo;  Spaans cardos; Frans chardons; Turks kengel

 

Uit de Tuinkrant van Volkstuinvereniging ‘Nut en Genoegen’,  Zaandam, februari 2021.

 

Een paar dagen voor Kerstmis zag ik een tweet van een collega. Die tweet ging nu eens niet over taal of taalkunde, maar over een culinaire kwestie. Collega was namelijk op zoek naar kardoen voor een bepaald gerecht. Ik vroeg me af waarom.

 

Nu is zijn vrouw afkomstig uit een streek in midden Italië. ’t Is daar traditie om met Kerstmis een schotel te serveren waarvan kardoen ’t belangrijkste bestanddeel is. En die schotel wilde collega zelf nu wel eens ter tafel brengen. Maar waar haal je zo gauw die kardoen vandaan. Bij de groenteboer vind je ’m niet en bij de supermarkt weten ze niet eens waar je ’t over hebt.

 

Lees verder “40. Kardoen met Kerst”

39. Mus

Kroatisch: vrabac; Frans: moineau; Duits: Spatz; Engels: sparrow; Portugees;  pardal; Spaans: gorrión; Turks: serçe; Arabisch: صفور [esfwr]; Perzisch:  نجشک

(dit zijn de namen in de moedertaal van onze medetuinders)

 

Uit de Tuinkrant van Volkstuinvereniging ‘Nut en Genoegen’,  Zaandam, december 2020.

 

 

Met de mus gaat ’t niet goed. Dit vond ik op Wikipedia: In Nederland is ’t aantal mussen sinds de jaren 1970 afgenomen. Toen waren er naar schatting nog 1 à 2 miljoen broedparen. Tussen 1990 en 2000 is het aantal ongeveer gehalveerd. Wel erg ‘ruw’ die schatting: tussen 1 à 2 miljoen.

Ik merk ’t zelf ook trouwens, die achteruitgang. In mijn achtertuin zie ik ze nog maar heel af en toe. Jammer is dat want de mus is zo’n sympathiek en vrolijk vogeltje, met z’n zilveren geluid. Dat geluid, gezang mag je ’t niet noemen, is mooi onder woorden gebracht door de dichter Jan Hanlo.

 

DE MUS

Tjielp tjielp – tjielp tjielp tjielp

Tjielp tjielp tjielp – tjielp tjielp

Tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp

Tjielp tjielp tjielp

 

Tjielp

Etc.

(Jan Hanlo, uit Verzamelde gedichten, 1989)

Lees verder “39. Mus”